Bezoek aan het werk, een afscheid? - Familiewerk
22724
post-template-default,single,single-post,postid-22724,single-format-standard,ajax_fade,page_not_loaded,,select-theme-ver-4.7,wpb-js-composer js-comp-ver-5.7,vc_responsive

Bezoek aan het werk, een afscheid?

Samen met Jannie bezocht ik mijn werk op zondag 12 januari. Met enige spanning in mijn lijf reden we het terrein op en meldden ons bij de bewaking. We werden bij de ingang  opgehaald door de supervisor en dat vond ik in eerste instantie ongemakkelijk en ik was verbaasd. Ik ben gewoon collega, ik ken de weg en kan Jannie van alles uitleggen.
Achteraf vind ik het een mooi gebaar, toch niet helemaal alleen door het gebouw hoeven te lopen en met een ontspannen praatje naar mijn werkplek lopen was rustgevend. Dank! Dan een handje of een knuffel hier en daar, ongemakkelijk soms. Snel maar naar de werkplek.

 

Tja, die werkplek. Helemaal ‘van mij’ is het niet meer. Voortdurend was ik aan het schakelen, soms was ik collega maar meer nog was ik op bezoek. Alsof ik van enige afstand naar mijn eigen werk zat te kijken.
Tijdens het contact met onze bedrijfsarts heb ik al eerder gesproken over ‘weer aan de slag gaan’. En zij reageerde daarop dat wij wel een bijzondere beroepsgroep zijn. Ze zei; ‘jullie willen bij ziek zijn allemaal weer zo snel mogelijk aan het werk en dat zie ik niet zo vaak bij andere beroepen, bijzonder hoor!’.  En ze voegde heel voorzichtig toe dat het zo zou kunnen zijn dat ik helemaal niet meer aan het werk zou kunnen gaan. Deze boodschap hoorde ik goed.
Toen we na het bezoek naar huis reden, herinnerde ik me deze opmerking van de bedrijfsarts en merkte een tweedeling in mijzelf. Een deel van mij wil het werk weer graag gaan doen en een ander deel ‘weet’ dat dit niet meer gaat gebeuren. Hoofd versus gevoel, zeg maar.

En als ik heel eerlijk ben naar mijzelf dan ben ik al aan het ‘voorsorteren’. De analogie met de snelweg ligt voor de hand, ik zie de afslag of rij er al op en zie ook de rechtdoorgaande weg. Heb ik nog keuze om rechtdoor naar het werk te gaan of sla ik af en laat het werk voor wat het is?

 

Wanneer ik onmiddellijk  weer achter het radarscherm zou kunnen gaan zitten was de keuze wat makkelijker, maar zo gaat het niet in een baan waarin veiligheid voorop staat. De bedrijfsarts zei het al; ‘we hebben herintegratie na een chemokuur nog niet eerder bij de hand gehad, ik weet nog niet hoe hier mee omgegaan wordt, mogelijk een lang traject.’

Ach, eigenlijk weet en voel ik het ook wel; ik rij al op de afslag en zal deze nieuwe richting maar moeten accepteren, ook dit is afscheid nemen. 

 

 

Hoe het nu gaat;  mijn herstel tussen de chemokuren door duurt langer. Waar ik eerst vrijdags na de kuur van die week alweer het mannetje was, duurt het nu tot en met zondag tot ik mij weer wat beter voel. Gammel ben ik dan, slap in de benen, koude tintelingen in handen en voeten en vooral moe.
Mijn oefeningen doe ik trouw, tijdens de kuur wat minder intensief. Door te luisteren naar anderen en hulp te aanvaarden heb ik inmiddels ook de discipline gevonden om ’s middags minimaal een uur te rusten. En die rust doet mij goed, ik vind het heerlijk.

 

No Comments

Sorry, the comment form is closed at this time.