Gewoon geven

Op het moment dat ik dit schrijf staan wij aan de vooravond van onze vijfde verhuizing in 35 jaar tijd, een mooi gemiddelde van zeven jaar. In de loop der jaren zijn we van een flatje naar een bovenwoning gegaan, vandaar naar een twee-onder-één-kapper en toen naar een vrijstaande woning in Anderen en nu van Marknesse naar Kraggenburg. En met de grotere woonruimte en kinderen kwamen er steeds meer en meer spullen in de huizen.

Tijdens deze verhuizing blijkt dat we zoveel spullen om ons heen hebben verzameld, soms noem ik het ‘rotzooi’ dat we van het bestaan van sommige zaken niet eens meer afweten. Zeventig procent van al deze ‘rotzooi’ staat ergens in een opslag en toen ik er van afstandje eens naar keek, bekroop mij een gevoel van schaamte en bezinning. Waarom zoveel materiële zaken, wat is de waarde er eigenlijk van, wat heb ik eigenlijk nodig om te leven en meer van dat soort vragen.
Onze zoon Matthijs die recent zeven maanden al back-packend door Zuid-Amerika trok heeft een zelfde ervaring gehad en zei enige tijd na zijn terugkomst; “ik heb ontdekt dat ik maar weinig nodig heb om te leven”. En deze fijne ontdekking leidde ertoe dat we veel spullen gingen weggeven.
Er is op facebook een ‘weggeefhoek’ te vinden waar we de overbodige spullen konden verloten, van militaire plunjebalen tot snowboards en van een valhelm tot wandelschoenen, het ging allemaal vlot weg. Sommige spullen vinden we toch nog teveel van waarde om weg te geven en proberen er nog iets voor te krijgen via een ‘verkoophoek’ of ‘marktplaats’.
En steeds weer doet zich een soort ‘transformatie’ plaats, van materiaal dat ik in eerste instantie beslist niet kwijt wilden naar een weggeven. En wat is dat lekker zeg, weggeven zonder dat ik er wat voor terug hoef te hebben, gewoon geven. Ik heb al zoveel dankbare mensen aan de deur gehad die gemeend blij waren met onze spullen, wat is dat fijn om te zien. Zo fijn, dat ik soms langs de spullen loop en mij afvraag of ik dat en dat wel nodig heb;”kan het weg”, vraag ik mij dan af.
En steeds meer gaat er dan ook weg. En naast het feit dat ik er een ander blij mee maak, gebeurt er in mij ook iets dat ik als opluchting kan bestempelen, alsof ik mij bevrijd van een last, van een schaamte van een teveel aan bezit. Letterlijk en figuurlijk ruimt het op.

Een paar redenen om afscheid te nemen van materiële zaken kwamen de afgelopen tijd bij mij op;

  • Met veel bezit ben je in dienst van al je bezittingen, ‘bezit bezwaard’ is niet voor niets een gezegde.
  • Minder is meer. Ik hoef mij niet meer bezig te houden met alle spullen, er geen energie (fysiek en mentaal) meer aan te besteden. Ik hou dus energie over.
  • De spullen die ik wel wil houden (voor nu:)) krijgen een andere waarde, misschien wel meer. Ze worden mijn bezit in plaats van anders om.
  • Minder dode spullen betekent meer leven.
  • Er komt een nieuw besef, wanneer ik wat nieuws of anders wil aanschaffen. De impuls gaat er vanaf en ik denk meer over een aankoop na, “heb ik het echt nodig?” En dit betekent dan dat mijn ‘voetafdruk’ op deze aarde wat lichter wordt. Wanneer ik minder koop doe ik ook iets aan minder verpakking, minder transport, minder productie en dat voelt goed.
  • Dit alles leidt ook naar een bredere en kritische kijk op wat ik aan het doen ben met bijvoorbeeld natuur, energie en omgaan met de wereld…
  • En tot slot, weggeven is fijn, het ervaren dat een ander plezier heeft van iets wat ik niet meer nodig heb is prettig.

Verhuizen biedt met alle drukte en geregel een mooie kans voor uiterlijke en innerlijke schoonmaak en dat is ruimtewinst.

Stef zingt er dit over….