Een gesprek met mijn vader

….. en ineens zit ie daar op de bank in onze tuin, mijn vader. Hij ziet er goed uit, beter dan toen ik hem voor het laatst zag. Hij is grijs, zijn ogen staan anders dan vroeger, niet meer flets, zijn holle blik is verdwenen, straalt hij?, denk ik.
Ik wil wat zeggen, maar hij is mij voor: “dag Berry, hoe is het met je?”
Hoe is het met je, hoe is het met je? Ik voel dat ik boos word… dat heeft ie nog nooit in zijn leven gevraagd en nu ie dood is, stelt ie zo’n vraag!

“Goed,” zeg ik, “maar wat doet u hier?” “Gewoon, eens praten met je, daar heb ik vroeger zo weinig tijd voor gehad.” “Geen tijd voor genomen, zult u bedoelen.” Het is eruit voor ik het besef.
“Ja, dat is ook een manier om er naar te kijken, dat kan ook.”

“En hoe komt u hier eigenlijk, dit kan niet!” “Dat weet ik niet,” zegt vader en zijn mondhoeken gaan licht omhoog, “ik kan mij niet herinneren hoe ik hier kom, het is gewoon zo.”
Boven onze hoofden strijkt een duif neer op het rekje naast de druif, zijn koppie gaat heen en weer en gluurt naar beneden. Spontaan en met mijn ogen gericht op de duif begin ik te praten alsof dat mijn vader is. Mijn vader die niet nog op het bankje zat is weg. Dan vliegt de duif weg en mijn vader zit er weer, ik snap het niet.
Ik schaam mij, ik vraag mijn vader van alles en nog wat en lijk niet eens blij om hem te zien. Waarom zeg ik niet gewoon dat ik hem gemist heb..
“Ik heb u gemist, pa”, zeg ik dan, zomaar.
“Ik jou ook zoon.”
De duif koert in de prunus en een ander antwoordt op het dak, een bij zoemt langs, verder is het stil.
De stilte wordt pijnlijk en ik voel verdriet omhoog wellen, mijn keel knijpt dicht. En zoals vroeger kijken we langs elkaar heen, we zeggen niets en alles.

Pa verbreekt mijn denken en half vragend: “wat was ik druk hé, tijdens mijn leven?”
Wat wilt u nu, denk ik. Bevestiging, u zelf verontschuldigen?
“Nou”, mompel ik: “pas in de afgelopen jaren, tijdens NLP ben ik dit gaan begrijpen en volgens ma was u inderdaad nogal druk.”
“Wat is NLP?”
“Dat leg ik straks nog wel uit,”
antwoord ik kortaf.

Ik heb dit al veel vaker proberen uit te leggen aan mensen en merk dan aan het gesprek dat mensen afhaken, ik kan dat ‘zeggend’ niet zo goed duidelijk maken, het is ook echt iets om te doen en te ervaren. Ik laat het nu ook maar, misschien straks.
Mijn vrouw komt de tuin inlopen en gaat op het bankje zitten, op vaders plek. Vader is weg! Ik vertel haar wat ik aan het doen was en dan komen de tranen.
Ze loopt weg om thee te zetten en vader is er weer….

“Waar was u, net?”
“O”, zegt hij rustig, “even weg……, dit is tussen jou en mij, een vader en zoon gebeuren, ik kan wachten hoor, ik heb alle tijd.”
Ik snap er helemaal niets van, zo zit hij levensecht tegenover me en het andere moment is hij verdwenen.
“En waar was u dan zo druk mee allemaal?”
“Ik was nogal ambitieus en wilde de wereld verbeteren. Ik vond dat ik alles beter kon dan de ander en alles moest anders.”
“En u voetbalde ook nog in het 1e van ESTO?”
“Ja, dat waren mooie tijden met Sinko en Wim Bealde en op doel stond je ome Paul en ik was spits.” Hij zucht tussendoor. “Ik was een heel snelle spits, ik scoorde veel en had een goed schot”. “Toen jij kwam was ik 25 en ik denk dat ik tot mijn 32e gevoetbald heb.”
“Tot uw 31e,” zei mam.  “Ze nam mij mee in de kinderwagen en ging nog wel eens mee kijken.”
“O, dat zal dan wel, je moeder onthoudt dat soort dingen nog steeds goed.”
Zou hij gewild hebben dat ik ook een goede voetballer werd, vraag ik mij af.
En hij vervolgd: “ik ben gestopt met voetballen na een opmerking over mensen met een kleur na een wedstrijd tegen Moordrecht, daar woonden veel Molukkers en dat waren gemene gasten.”
O, ja die opmerking ken ik, herinner ik mij, ik meen ook dat moeder mij er een bewaard krantenartikel over heeft laten lezen.
“Ja, tegenwoordig zou dit leiden tot een media-rel en royeren van het lidmaatschap.”
“Toen lachten we erom en het bestuur suste de rel.”

Het is even stil tussen ons, ik zie hem denken en een vraag formuleren.
“Voetbalt de oudste weer”?
“Nee, hij is niet meer gaan voetballen, hij was keeper trouwens.” “Laatst zei hij dat ie verlangde naar het keepen, dus wie weet.’
“En onze jongste is ook gestopt en denkt er ook over weer te gaan trainen en dan te gaan voor het 1e team”.

Mijn vader glimlacht breed uit, deze boodschappen doen hem zichtbaar goed.
Tja, het was en is nu eenmaal zo, ik heb in het spelletje nooit plezier gehad.
Alsof ie mijn gedachten leest: “Ik had graag gezien dat je broer en jij ook zouden gaan voetballen. Een paar jaar had ik hoop maar je broer vond het niks en toen jij wat dikker werd na de lagere school vervloog mijn hoop.” “Toen jouw leider je uit het elftal zette was het helemaal snel afgelopen.”

Daar zit nog wat pijn bij mij merk ik.

“Wist u dat dan, dat ik eruit moest?” antwoord ik verbaasd.
“Oja, dat deed mij pijn, maar dacht dat je wel begreep waarom.” “Ik zat toen al in het bestuur en wist overal en alles van.”
En ik dacht ik het alleen maar wist…. “Maar…. u heeft er met mij nooit over gesproken.”
“Nee, dat kon ik niet.” “Het hoort nu eenmaal bij voetbal, de besten gaan naar de hoogste elftallen, de minder goeden vallen af of gaan naar een lager elftal.” “Ik dacht dat moeder er wel met je over zou praten”.
“Nee, nooit”. Ik doe kortaf.

Hij zegt niets en kijkt nu wel een beetje hol voor zicht uit. Peinzend zegt ie: “Dat is niet goed van mij geweest, ik had dat beter kunnen zien maar voor toen was het echter in orde.”
“Maar ja, die drukte hé. Altijd was er wat . Ik ben ook nog een jaartje trainer geweest en ging toen weer verder in het bestuur.”

Ik associeer mij met zijn leven en zie als een film zijn leven, zijn overleven, ik weet er blijkbaar toch veel van, het harde werken, de zorgen voor iedereen, de relatie met andere mensen, zijn ouders en zijn ziekte. Op een diepere laag dan voorheen ontstaat er begrip, een besef over zijn leven, de mooie jaren en de minder goede. Dit duurt een poosje en als ik opkijk is vader verdwenen, het bankje is leeg. Ik zoek om mij heen, niets!
Vlak hierna zet ik een en ander op papier en wanneer ik het zit te schrijven is het net alsof het niet gebeurd is.

 

Bovenstaande is onderdeel van een uitgebreider helingsproces en geïnspireerd op het ‘kampvuur gesprek’ zoals gebruikt door Brandon Bays. Wil jij ook daadwerkelijk een start maken met heling en vergeving dat nodig ik je uit om contact met mij op te nemen, je bent welkom!