Ik was mijn haar

Een gedicht van mijn vrouw voor iedereen die een steuntje in de rug kan gebruiken omdat kanker hun  deel is geworden.

Wat ooit was

Dag haar, dag mooi dik donkerblond haar
Je was me dierbaar, vele jaren heb je me gediend
Nu is het tijd voor iets anders
Maar het afscheid valt me zwaar

Hoe kom je straks terug na het langdurige gemis
Misschien wel mooier en sterker
Mischien wel grijzer en wijzer
Ik kan niet wachten tot het zover is

Hoe zou het zijn: mijn bolletje in de lentezon
Maar eerst wacht de winter, de kale koude winter
En ga ik verstillen
Zoals de rups zich terugtrekt in zijn cocon

Om vervolgens uit te vliegen, herboren als vlinder
Zonder zorgen voor de dag van morgen
Een nieuwe horizon tegemoet
En zonder enige hinder…

van wat ooit was

Jannie Tichelaar

Al dit moois…

Tachtig jaar is hij bijna en nu ligt hij in het ziekenhuis omdat zijn lichaam geen rode bloedlichaampjes meer aanmaakt. Om de drie weken krijgt hij vers bloed en na een paar uur  “ben ik weer doorgesmeerd”, zegt ie. Een ‘paar uur’ is een understatement; om kwart over acht is ie er al en pas tegen drie uur kan hij weg, een lange servicebeurt, vind ik.
Hij ligt naast mijn vrouw en met verbazing hoor ik hoe snel ze kennismaken en de reden delen van het hoe en waarom in het ziekenhuis zijn.
Hij ligt alleen en als ik vraag of zijn vrouw nog leeft, zegt ie: “Zeker man!” Ze is thuis, haar knie wil niet meer en daarom ga ik met de auto maar alleen hierheen. Tussen de middag is ie bijna verbolgen als hij  één pakje kaas krijgt voor twee boterhammen, “de vorige keren kreeg ik er twee.” De man wil graag praten over auto’s en ik doe wat mee, het wordt snel technisch over krukassen, olie en de slechte materialen die er vroeger waren. Ik haak dan af en probeer wat te lezen.
“Het is me allemaal wat”, zegt hij plotsklaps en ik kijk op uit het tijdschrift. “Hè, net zo interessant dit stuk over Antarctica en de smeltende ijskappen”, denk ik en zucht onhoorbaar. Mijn vrouw ziet het en glimlacht, later zegt ze dat ze blij was dat ik met haar buurman wilde praten. Ze was moe.

Ik ga in op zijn zinnetje en we praten over dood en leven en of hij bang is voor de dood, vraag ik. Hij kijkt mij aan en is stil. “Ik denk er heel veel over”, zegt ie. “Maar bang, nee dat ben ik niet.”  Ik vraag me af of ie dit zo voelt of dat ie nog steeds denkt.
Er is nu contact op een niveau dat anders is dan over zijn werk als automonteur, mooi. Even valt er een stilte tussen ons in als hij helder spreekt: “Ik wil al dit moois nog niet achterlaten.” Bij ‘moois’ maakt ie een gebaar met zijn infuusvrije hand. En ‘moois’ blijkt dan het leven zelf te zijn. Het is toch ‘mooi’ dat dit allemaal kan en hij kijkt naar zijn infuus en zijn hand. “Ik ben er blij mee dat ik nog even verder kan zo.” Thuis bereiden ze zich voor op zijn eventueel overlijden, de dingen die hij altijd al deed, draagt hij stukje voor stukje over aan zijn vrouw.

Liefde proef ik, zoveel liefde, zo groot dat het de ziekenhuiskamer haast uitbarst. Tot over drie weken lieve man, we zien elkaar!

Irritatie

Op het werk vraagt een collega naar de thuissituatie, terwijl ik begin te spreken wordt hij gebeld. Hij mompelt een excuus en weg is ie.
Ik twijfel of ik naar drummen in Bilthoven wil gaan.  Lekker drummen maar ’s avonds met een piep in mijn oren in slaap vallen wil ik ook niet, ik word kortaf door het besluiteloze.
Vanaf mijn werk komende word ik bijna aangereden door een auto die van rechts door het stoplicht komt denderen, ik stap uit en scheld de man de huid vol. Dat lucht op, voor even. Sorry beste man, denk ik later.
Thuis ben ik aan het stucen in de aanbouw en ik word gebeld omdat ik moet werken, eigenlijk tekort van te voren om op te ruimen, te douchen en eten te pakken. En dan staat ook nog pardoes de zus van mijn vrouw met haar man op de stoep voor een bakkie!
Een meerijdster via blablacar vraagt eerst of ze ergens anders opgehaald kan worden, dan of ze ergens anders afgezet kan worden en dan weer of ik wisselgeld heb. Ik rij geen taxi!
De levering van de materialen voor de mechanische ventilatie blijkt niet compleet, weer een mail sturen, kan het niet in één keer goed?
Op mijn werk krijg ik wederom een mail (de derde) om een elektronische presentatie over een nieuw systeem te gaan doen, ik heb er een hekel aan. Het beklijft niet meer op deze wijze. Snappen ze dat niet, iemand moet het mij persoonlijk vertellen. Moderne zooi!
De nieuwe koelkast lekt aan de onderzijde, mail naar het bedrijf, wat nu weer, pffft.
De aannemer laat niets van zich horen, hij was veel te duur voor het vervangen van de garagedeuren en op mijn tegenvoorstel blijft het stil. Moet ik weer in actie komen. Ook de gevelreiniger en voeger laat het in het contact afweten, waarom toch?

En beschouwend zie ik dat mijn verwachtingspatroon hier een enorme rol speelt. Ik verwacht van alles van de ander en van de wereld om mij heen. En als de reactie van de ander niet strookt met mijn verwachting raak ik geïrriteerd. “Wat verwacht je eigenlijk van jezelf”, hoor ik een coach al vragen :). Vaak doe ik nog of er geen kanker is, of er niets aan de hand is. Maar ik merk dat mijn emmertje vol raakt en hoognodig moet gaan doen wat mij energie geeft, een heel lange wandeling maken!! De balans in mijn eigen systeem is weg. De wijsheid en het vermogen om als riet in de wind mee te buigen en weer terug te veren, is even ver te zoeken. Go with the flow, is ook zo’n prachtige uitdrukking, die ik wel snap maar even niet voel.
Het beseffen van deze wijsheden werkt nu al, merk ik tijdens het typen van deze tekst. Ik glimlach zelfs even. En langzaam word ik rustiger en besef wat ik doe….

Oordeel

Tijdens alle werkzaamheden rondom huis waren er veel vaklieden bij ons te vinden. Één van de vakmensen die een blik wierp in de meterkast zei dat hij voor een aantrekkelijk bedrag de meterkast wel wilde opknappen. De meterkast bij ons was nog uitgevoerd met de oude ‘draaistoppen’. De kast zag er werkelijk niet uit en als oud-elektrotechniek-student was mij de meterkast al een tijdje een doorn in het oog.
De vakman noem ik hier Jaap uit Friesland en Jaap gaf ik direct opdracht om de meterkast te renoveren. Waarom weet ik eigenlijk niet maar mijn vertrouwen in Friezen en helemaal in Friese vakmensen is groot.  Een paar dagen later bracht hij een nieuwe verdeelkast die er met allerlei aardlekschakelaars indrukwekkend en vooral nieuw uitzag. Ik verwachtte dat hij de kast meteen zou installeren en ik die dag al kon beschikken over het nieuwe spul. Dat kon echter niet, hij zou binnenkort terugkomen om het spul aan te sluiten en de oude zooi te verwijderen.
Wel wilde hij geld hebben voor de geleverde kast, het bedrag voor de installatie zat hier al bij in. Oh, prima zei ik en gaf hem het geld. Een paar honderd euro in dit geval.

En toen begon een lang wachten waarbij mijn geduld aardig op de proef werd gesteld. Na enkelen weken wachten, ging ik maar eens een whattsapp bericht, appje zeg ik altijd, versturen met de vraag wanneer hij van plan was te komen. Er volgde geen antwoord.
De gedachte dat er iets met hem aan de hand kon zijn passeerde kort in mijn hoofd, maar een ander deel van mij vond ‘dat ie op zijn minst toch wel kon antwoorden.’
Op een volgend bericht kwam ook geen antwoord. Toen ben ik met hem gaan bellen, voice mail ingesproken, geen antwoord. De tijd ging voort.
Nogmaals bellen en zowaar, ik kreeg Jaap aan de telefoon.
Hij bleek al een poos ziek thuis te zijn met verschijnselen die met ‘ziek bloed’ te maken had. En wat schrok ik toen hij dat meldde en wat voelde ik mij schuldig over mijn gedram over mijn stomme meterkast.  Voorlopig zou ie niet kunnen komen. Nou ja, ik wist nu tenmiste wat en vond mijn kast niet in verhouding staan tot zijn gezondheidsprobleem.

Maar na enkele maanden begon een stemmetje van binnen te zeuren, zoe ik echt nog wel komen..Via een appje begreep ik dat hij weer aan het werk was gegaan en binnenkort ook bij mij langs zou komen. Goed nieuws!  En wederom bleef het lange tijd stil, geen reacties op mijn berichten, wel gelezen kon ik zien, maar geen reacties.

En toen was de maatvol en stuurde ik een appje waarin ik stelde dat de meterkast nu ‘af moest’ of anders wilde ik mijn geld terug. Nu reageerde hij vlot en zou op een woensdag langs komen, hij was in de buurt. De woensdag ging voorbij zonder bezoek of bericht….. pfffft.
En toen berichtte hij dat hij een vrije dag had genomen en aanstaande vrijdag langs zou komen….”Fijn”, dacht ik, “eerst maar eens zien.”

Op vrijdag kwam Jaap inderdaad en ik was blij hem te zien. Nou ja, meer nog dat de meterkast eindelijk af zou komen. Eerst koffie….
En onder de koffie kwam zijn verhaal van de afgelopen 7 maanden op tafel en naarmate hij zijn verhaal vertelde nam mijn schuldgevoel toe…
Hij heeft ‘een’ bloedziekte met zware vermoeidheids verschijnselen waarvan, na vele onderzoeken, oorzaak en eventuele genezing nog niet duidelijk waren. Financiele problemen met zijn ex-partner (kaalplukken noemt hij het), persoonlijke ellende met de eerdere partner van zijn huidige vrouw, werkdruk, het plotseling overlijden van een vriend waar hij al bijna 30 jaar mee samen werkte en een gevoelige afwikkeling van erfenis. Ik voelde zijn verdriet en pijn mee en moest innerlijk afstand innemen (een nlp hulp) om het verdriet bij hem te kunnen laten.

Terugkijkend wil ik leren uit deze ervaring en daarvoor zijn een paar nlp vooronderstellingen van toepassing; de kaart is niet het gebied, ieder heeft zijn eigen wereldbeeld en uit het communicatiemodel, ik zie de wereld zoals ik het wil zien.
Van dit alles was ik mij tijdens dit hele traject beurteling bewust en vaak ook was het weg of anders gezegd; mijn ego won het van de liefde voor de mens. Ik ben lerend, elke dag weer!

 

Nicht

Hoe kan het toch? Wat is er aan de hand als je iemand maar net ontmoet hebt en het is alsof je iemand al jaren kent. Internet staat vol over dit fenomeen en er wordt dan vaak gesproken over tweelingzielen of zielsverwanten. Een verklaring door middel van de zogenaamde spiegelneuronen is ook in zwang. Over zielsverbanden en neuronen zijn vele boeiende boeken geschreven.

Nu heb ik het -alsof ik de ander al jaren ken- al meerdere keren ervaren. En keer op keer is het contact zo gemakkelijk, zo ongecompliceerd en natuurlijk dat het eenvoudigweg eigen aanvoelt. Het gaat dan om mannen en vrouwen, die ik buiten de werkomgeving tegen kwam. We blijken dezelfde passie te hebben en ook een doel of uitvoering van plannen passen goed bij de wederzijdse ideeën. Ik zou ook kunnen zeggen dat het net een broer of een zus is.

Dat laatste is echter niet het geval. Met mijn broer of zus gaat het contact ‘gewoon’, vaak genoeg zijn er momenten waarop ik ervaar dat ik dingen niet wil, moet of kan zeggen. Of soms wil ik helemaal niets zeggen, gewoon omdat er niets is of omdat ik bang ben om te kwetsen. Soms voelt het contact ook ongemakkelijk en aan bespreken van mijn gevoel kom ik niet eens toe. Gesprekken gaan over oppervlakkige en meer materiele zaken, weinig diepgang.

Alweer bijna twee jaar geleden kwam ik via Facebook in contact met een volle nicht die samen met haar partner al jaren in Frankrijk woont en werkt. Via Messenger naar mail en via mail naar whatsapp en via whatsapp naar een echt contact.
En dan blijkt iets bijzonders; we hebben elkaar veel te vertellen, het contact loopt vloeiend, stiltes zijn oke, er zijn verschillen van mening, er is humor en bovenal is er contact, diep contact. Wat er ook is, is een aanwezig verdriet. Een verdriet dat niet van ons is, niet van haar en niet van mij. Het is er echter wel en is nu bij ons gaan horen.
Daan van Kampenhout schreef een boek met de titel “de tranen van de voorouders”. En dat is zo passend voor onze situatie, tranen zijn er vlug maar waarom dat zo is en waarover de tranen gaan dat is altijd weer de vraag. In een familieopstelling heb ik grote delen daarvan ontdekt en dat maakte mij enorm veel rustiger, een ‘begrijpen’ kwam over mij.

Onze vaders zijn broers, beiden inmiddels overleden. Hoe het contact tussen deze broers (er waren twaalf kinderen in het gezin) was, weet ik eigenlijk niet. Er blijken tussen de vaders zo enorm veel overeenkomsten te zijn dat wij, nicht en neef,  ons er over verbazen. Op geestelijk vlak, mentaal, emotioneel en in gedrag, waren ze bijna spiegels. Ze zouden zo met elkaar uitgewisseld kunnen worden, uiterlijk leken ze ook nog eens op elkaar. Zij delen uiteraard dezelfde familiegeschiedenis en het leeftijdsverschil is klein.

En als we samen verder spitten over en in onszelf, ontdekken we zoveel gelijkenissen, zoveel overeenkomsten in gevoelens, gedachten en doen en laten dat de betekenis van verwanten een nieuwe lading krijgt. Zou het dan toch…….zielsverwanten?
Of, zoals het HeartMath instituut in Amerika heeft onderzocht en bewijst, onze harten verbinden zich met elkaar, worden min of meer één geheel en communiceren met elkaar op één niveau. Een hart verbinding is er zeker. En misschien zetelt onze ziel wel in ons hart….

 

 

 

Kunstenaar aan tafel

Na een korte wandeling in Hoch-Elten komen we terug bij onze camper en aan de houten picknicktafel die naast onze camper staat zitten drie mensen te praten, we wisselen wat beleefdheden uit en voor we het weten zitten we aan tafel en hebben gespreksstof dat iedereen aan tafel bezig houdt. Ieder met zijn verhaal, de hoofdpersoon is vanavond een man,  een beeldend kunstenaar.

De kunstenaar verblijft sinds sinds een halfjaar in een zelf beschilderde camper, geen vaste verblijfplaats, wel heeft hij werk in de buurt. Vaak slaapt hij hier en soms weer daar. Zijn levensverhaal gaat veelal over het geloof; vastgelopen in de strenge dogmatische wereld van een zwaar gereformeerde kerkstroming ontworstelde hij zich uit dit systeem. Of misschien wel beter, de worsteling zet zich maar voort. En zoals dat dan gaat wanneer wij onze vrijheid trachten te vinden probeert het systeem ons uit alle macht vast te houden. Dat wat hoort en moet, zal gebeuren, vaders en dominees wil is wet. Het systeem en of dit nu familie of het geloof is, probeert stabiel te blijven en wanneer dit aan het wankelen wordt gebracht  komt er hoe dan ook een reactie.
De kunstenaar heeft een enorme energie gestoken in het loskomen en  wanneer het systeem ontdekt dat hij niet meer vast te houden is en echt zelf wil leven, wordt hij met dezelfde energie verstoten. Los van huis en haard, los van familie, los van vader en moeder.

Maar echt los kan niet, de verbinding is er en ook wanneer de ander of jij het niet meer wilt, blijft die verbinding bestaan. Juist dan! Gelukkig is de kunstenaar bij sommige familieleden welkom, maar onmiddellijk wordt getracht hem weer binnen het systeem (kerk, familie) te krijgen. Maar dan wel als hij zich aanpast, tja en daar is nu net alles om begonnen.
De energie die in hem vrij is gekomen heeft hij omgezet in kunst, hij schildert, hij schrijft en zingt. De creativiteit is groot en jarenlang onderdrukt, nu mag iedereen er van genieten.

Hij had bij het overlijden van zijn moeder een liedje willen zingen, maar kom daar maar eens om bij de zware en zwarte protocollen die bij de kerk horen. Nee, dat kon echt niet. En dan, aan de picknicktafel haalt hij zijn gitaar en zingt een liedje over zichzelf, over zijn weg, zijn weg die zo lastig te vinden is. Hij doet het in het Frans, door hemzelf af en toe onderbroken voor de Nederlandse ondertiteling. En voor straks, als zijn vader overlijdt heeft hij ook alvast een liedje gemaakt. Met tranen in mijn ogen luister ik naar zijn gezang en voel zijn ‘ontworsteling’ richting de vrijheid.

Vroeg in de ochtend ben ik wakker en denk aan de gesprekken van gisteravond. Vanuit de camper verderop komt gestommel, de kunstenaar maakt zich op voor de werkdag van vandaag en ik start mijn dag met een glimlach, ik heb bewondering voor deze, wat ik noem, levenskunstenaar. Het gaat je goed, man!

Steencirkel

Wat heb je toch met stenen?

Stenen zijn dood, koud en hard zou ik een paar jaar geleden geleden hebben gezegd. De boer wil ze niet en een ander wil er mee bouwen. En dit ‘gevoel’ over stenen is rap veranderd na een paar ervaringen.
Vorig jaar zomer deed ik een hunebed wandeling met Johan de ‘hunebed-wandelaar’ Wieberdink in Drenthe,  ik begon er nogal sceptisch aan.

We starten een kennismaking bij het kampvuur op het terrein van Instituut Mirre in Valthe en doen een voorstel rondje. Johan is de kenner en Marjolein begeleidt hem in de rol van heks (?).
Bij het eerste hunebed (de tweeling) vlak bij Mirre doe ik mijn handen gekruist voor de borst en voel verdriet opkomen. Marjolein, die dit signaleert, neemt mij mee naar een ligplaats op de steen van ‘dood en wedergeboorte’. Dan vloeien er bij mij tranen, en niet zo weinig ook. Ik moet huilen en huilen en met horten en stoten komt er allerlei verdriet te voorschijn. Later vraag ik mij af of dit van mij is of zijn het de tranen van mijn voorouders of willekeurige voorouders? Het lucht in ieder geval enorm op. Ik ben verwonderd. Ook blijk ik instaat om te draaien met een pendel, de pendel die ik krijg draait snel grote rondjes. Later probeer ik het nog een keer en dan lukt het weer. Wederom ben ik verwonderd en vraag mij af of ik het draaien kan sturen. Nou dat kan dus ook zo blijkt later die dag.
Bij de afsluiting zegt Marjolein dat ik in ‘de transformatie’ zit. Een heerlijke ont-dekking.

Later ben ik nog één keer alleen naar dit hunebed geweest. Er is een neutraal gevoel, geen bijzondere ervaringen. De pendel (mijn kettinkje) draait maar ik kan niet goed onderscheid maken tussen mijn intentie of een bewegen van buitenaf.

En tijdens onze vakantie in Marokko, in het voorjaar van 2016, lees ik over een steencirkel bij Msoura zo’n 30 kilometer van Asilah. Het plaatsje Asilah ligt  op onze route en we besluiten de steencirkel op te gaan zoeken. We komen langs kleine dorpjes en worden nagestaard, ergens langs de kant van de weg liggen lange stenen maar dit feit dringt niet tot ons door. We dwalen en dwalen en na een half uur vragen en zoeken, ‘het moet hier toch ergens zijn’, keren we om en zoeken de route maar weer op. En daar waar de grote lange stenen liggen is ook de steencirkel te ontdekken. Keurig achter hekwerk, er is een ‘bewaker’ of een ‘guard’, van enige officiële ingang is niets te ontdekken. We kunnen overal over heen wandelen en we vragen ons af of ze hier in Marokko het cultuur- en historische belang van de cirkel inzien, het lijkt van niet. Andere ‘goden’ dan de profeet is bij veel gelovigen in het huidige Marokko niet bespreekbaar. En dan vind ik het wederom jammer dat ik de taal niet goed beheers, in ieder geval in deze streek is er een tijd geweest (misschien nu nog) dat er meer goden in het leven een rol speelde.

Volgens de legende is de cirkel aangelegd door de reus Antaios (Änti in het Berbers) en hij was zowel bij de Grieken, de Romeinen en en Berbers een mythologische held. Wat een wereld van verbinding hier, bijzonder! Änti was onoverwinnelijk en haalde de kracht voor zijn lichaam uit de aarde, hij was beschermer van het Berbervolk. Volgens de overlevering ligt hij begraven in Msoura (Mzoura) in deze enorm cirkel.
De cirkel is nog duidelijk te zien met een enkele hoge rechtopstaande steen, de stenen die langs de weg liggen horen hier dus ook te staan. Onbegrijpelijk hoe deze rechtop gezet zijn en nog staan, tenzij een reus…..

En dan sta ik even stil en overdenk dat er veel meer van deze mystieke steencirkels in de wereld zijn, dat deze een vaak religieuze betekenis hadden bij vele rituelen. En dat ontroert mij, er zit energie in deze stenen en zal steeds vaker ‘stenen’ gaan gebruiken bij mijn werk. Op een bepaalde manier zit er leven in deze stenen, al is het alleen al de energie die om en nabij de stenen heeft bewogen.

 

Pow – Wauw

Vier mensen om de pow-wow voeren het ritme aan, heel zacht en aftastende beginnen de vier met hun drumbeater de pow-wow te beroeren. Wij zijn met 17 mensen en ieder heeft zijn eigen intentie om daar te zijn. De intentie melden we niet maar houden we stilzwijgende voor ons.
Voor mij was de intentie om het ‘grote moeten’ te ont-moeten. Waar komt het toch vandaan dat ik zo gedreven aan de slag ga en het één nog niet afgerond heb en met het ander al weer bezig ben. Ik loop van de ene activiteit (vaak een cursus of training) naar de volgende en het moet allemaal zo nodig. Het is een soort verslaving lijkt het wel,  een sterk innerlijke beweging die dat mij laat doen. Als het sterk innerlijk is, dan zal je er ook wel gelukkig van worden, zei iemand eens. En dat is nou net niet het geval, ik start ergens mee en wanneer ik er mee bezig ben, kijk ik alweer uit naar de volgende gebeurtenis. Maar gelukkig wordt ik er niet van, moe, dat wel. Sterker nog, het is verslavend steeds verder gaan. Welke voldoening zoek ik dan toch?
En waar ga je dan heen of waar vlucht je dan vandaan, zou een coach kunnen vragen. En die vragen heb ik mijzelf ook al eens gesteld, ik ken mijn beweging.
Vader en moeder spelen hierin een grote rol, mijn ouders en voorouders hebben continu moeten strijden en werken in en voor hun leven, continu bezig zijn met eten, inkomen en onderdak voor de grote schare kinderen en zichzelf. Zit dit ‘doen’ dan zo sterk in mijn dna, mijn cultuur, mijn opvoeding verweven dat ik dat nog steeds zo kan ervaren, als een haast onbedwingbaar mechanisme?   Dit hele moeten maakt rusteloos en moe en alleen de lichamelijke moeheid keert het tij en doet mij beseffen dat ik te ver ga.
Alhoewel ik tegenwoordig ook steeds vaker kan zeggen dat er bewustwording is wanneer ik weer eens iets wil gaan ondernemen. Ik neem dus mijn eigen voornemen waar en kan er dan een keuze in gaan maken. Nog niet altijd, er is verandering! De NLP vooronderstelling “er is altijd een andere keuze mogelijk’, geeft dit al aan. Dat is ook zo, maar het kost wel moeite!

Terug naar de drumavond; de drum klinkt zacht en er zit al wel een stevig ritme in. Ik volg en luister, ik luister en volg en sla op mijn drum. Er ontstaat een melodie en het geluid begint rond te gaan, al wat luider nu. Geleidelijk aan draagt iedereen, naar eigen voelen, bij aan het geluid. Sommigen heel zacht tikkend op de drum, anderen slaan feller met veel zichtbaar enthousiasme. Ik sla in het midden en dan aan de zijkant, steeds weer, steeds weer en weer en weer. Ik voel, zie en hoor het plezier in mijzelf en om mij heen. Een haast eentonig ritme ontstaat, een soort zoemen en dan gebeurt er iets in mij wat ik nu probeer te beschrijven; tussen alle geluiden hoor ik niets en voel me oneindig leeg, vredig en toch ook aanwezig in de ruimte en met alles wat hier is. Ik hoor de geluiden wel en ik hoor ze ook weer niet. Een vredig gevoel overspoelt mij tussen al het ‘geluidsgeweld’ en ik voel een intens diepe rust waarin alles goed is, alles is oké. Het is geweldig, het is zo bijzonder, tranen komen te voorschijn.

Hoe lang dit duurde weet ik niet en is ook niet zo belangrijk. Feit is dat ik me ineens weer bewust werd van de drumbeater in mijn hand en dat ik werktuiglijk aan het mee drummen was, confuus van het moment van net. En dan realiseer ik mij dat ik in trance was, een heerlijke trance die oneindig ‘leeg’ was.

Drumcirkel

Van oudsher komen mensen tijdens hun leven in cycli bij elkaar om te ontmoeten, te delen, te verbinden en te genieten. De drumcirkels volgen ook deze cyclus van het leven.
Als er gedrumd wordt in dankbaarheid en liefde, voor alles wat ons gegeven is door moeder aarde en onze medemensen, voltooien wij een cyclus van leven en begint er automatisch een nieuwe cyclus.

Door te drummen wordt alles in beweging gebracht en vindt er een stroomversnelling plaats van de energie. De energie wordt opgewekt en gaat weer stromen. Zoals de maan verantwoordelijk is voor eb en vloed in de oceaan heeft ze ook een invloed op ons mensen. Om die reden wordt er vaak tijdens, vlak voor of vlak na een volle maan een drumcirkel georganiseerd.

Bovenstaande tekst is van Erik Roesink.

Op een warme zaterdagavond in december heb ik mijn eerste drumcirkel bijgewoond in Bilthoven en wat een ervaring was dit!
Met mijn kleine drum (de volledig zelfgemaakte is nog niet af) wordt ik eerst gesmudged bij aankomst, heerlijke geuren van salie om oude energieen te laten verdwijnen en mij schoon te maken voor deze avond, welkom!
Binnen staat een indrukwekkend grote pow-wow trommel met in de vier windrichtingen een stoel. Omdat het voor mij en een ander de eerste keer is dat we gaan drummen worden we welkom geheten door de begeleider van deze avond. Na een korte meditatie en het drummend welkom mogen we onze drums laten horen aan de aanwezigen. Spannend, maar ik doe dit in een verrassende flow, het gaat gewoon, mijn eerste denken over hoe ik dit zou gaan doen blijkt helemaal niet nodig.
En dan mogen vier vrouwen op de stoelen bij de grote pow-wow trommel gaan zitten en begint de drum-ceremonie. De centraal opgestelde pow-wow geeft het ritme aan en wij worden gevraagd dit ritme te volgen. Van zacht klinkend naar een diep vibrerend geluid, gaaf!
Langzaam kom ik in het ritme en krijg ook de behoefte om te chanten, zachtjes maak ik wat keelgeluiden.
Wat er met mij gebeurt is lastig te beschrijven. Het is net of ik heen en weer pendel tussen hier en nu en weg zijn. Soms zijn er gedachten van wat ik hier nu weer aan het doen ben, en dan weer geniet ik van de geluiden, de geuren en alles wat ik zie, ik voel me heerlijk! En ook lijk ik soms in een lichte trance en ga mee met dat wat er is, mooi hoor.
Na de pauze komen er vier mannen rond de pow-wow zitten en ik word ook uitgenodigd, wow WAUW! We pakken elkaars handen vast en maken een verbinding in stilte, kracht! Na enige tijd maken we ons los en pakken de stick en zoeken elkaars ritme op het perkament van de drum. Het geluid wordt luider en luider, prachtige diepe tonen. De kring achter ons valt bij en samen vormen we één geheel, één groot samenzijn.
Er ontstaat een collectieve balans in geluiden, bewegingen en visuele aspecten, het voelt als thuis en raar maar waar het wordt stil bij mij van binnen. Ik neem veel geluiden waar, naast mij achter mij en ik begin als vanzelf ook te chanten, wat een genot. Ik verwachtte van te voren dat ik als vanzelf zou gaan huilen maar dat gebeurde niet.
En op een moment dat we innerlijk van elkaar lijken te kennen gaan we wat langzamer drummen en met minder slag, de vertraging zetten we door en om ons heen zakken de geluiden ook weg. Wij leggen de sticks weg en laten de energie wegebben door met onze vingers op de pow-wow te trommelen en uiteindelijk doven onze bewegingen en geluiden ook uit en begeleid door de warme geluiden van een flute valt er nu ook buiten mij een stilte die zoveel in zich heeft!

Een dag later ontdek ik mooie parallelen met ‘opstellingen’. De drumcirkel vormt een systeem…

  • Iedereen maakt deel uit van het systeem en ieder heeft zijn eigen plaats en waardevolle bijdrage.
  • Sommige mensen voelen dat ze niet op een goede plek zijn en gaan even zoeken, later vinden ze hun unieke plaats.
  • Het systeem houdt zichzelf in stand, ook als iemand uitvalt of even weg gaat.
  • Er zijn leiders en volgers, volgers en leiders. Deze rol is uitwisselbaar.
  • Het systeem vindt zijn eigen balans en wanneer het even uit evenwicht is, komt dit weer terug.
  • Er is een innerlijk en gedeeld weten dat in ‘het veld’ aanwezig en te voelen is.

 

Filmtip – filmtip

In de film “La Famille Bélier” speelt het enige ‘horende’ kind binnen een verder dove familie de verbinding tussen de gezinsleden en de buitenwereld. Kijk door het acteerwerk heen en je ziet, de systemische verstrikking, de worsteling met loyaliteit, de ontluikende passie en autonomie, authenticiteit en het ontdekken van een missie.

Wanneer je je aanmeldt voor mijn nieuwsbrief (zie rechts) krijg je kans om binnenkort ook met andere ogen te kijken.