Gewoon geven

Op het moment dat ik dit schrijf staan wij aan de vooravond van onze vijfde verhuizing in 35 jaar tijd, een mooi gemiddelde van zeven jaar. In de loop der jaren zijn we van een flatje naar een bovenwoning gegaan, vandaar naar een twee-onder-één-kapper en toen naar een vrijstaande woning in Anderen en nu van Marknesse naar Kraggenburg. En met de grotere woonruimte en kinderen kwamen er steeds meer en meer spullen in de huizen.

Tijdens deze verhuizing blijkt dat we zoveel spullen om ons heen hebben verzameld, soms noem ik het ‘rotzooi’ dat we van het bestaan van sommige zaken niet eens meer afweten. Zeventig procent van al deze ‘rotzooi’ staat ergens in een opslag en toen ik er van afstandje eens naar keek, bekroop mij een gevoel van schaamte en bezinning. Waarom zoveel materiële zaken, wat is de waarde er eigenlijk van, wat heb ik eigenlijk nodig om te leven en meer van dat soort vragen.
Onze zoon Matthijs die recent zeven maanden al back-packend door Zuid-Amerika trok heeft een zelfde ervaring gehad en zei enige tijd na zijn terugkomst; “ik heb ontdekt dat ik maar weinig nodig heb om te leven”. En deze fijne ontdekking leidde ertoe dat we veel spullen gingen weggeven.
Er is op facebook een ‘weggeefhoek’ te vinden waar we de overbodige spullen konden verloten, van militaire plunjebalen tot snowboards en van een valhelm tot wandelschoenen, het ging allemaal vlot weg. Sommige spullen vinden we toch nog teveel van waarde om weg te geven en proberen er nog iets voor te krijgen via een ‘verkoophoek’ of ‘marktplaats’.
En steeds weer doet zich een soort ‘transformatie’ plaats, van materiaal dat ik in eerste instantie beslist niet kwijt wilden naar een weggeven. En wat is dat lekker zeg, weggeven zonder dat ik er wat voor terug hoef te hebben, gewoon geven. Ik heb al zoveel dankbare mensen aan de deur gehad die gemeend blij waren met onze spullen, wat is dat fijn om te zien. Zo fijn, dat ik soms langs de spullen loop en mij afvraag of ik dat en dat wel nodig heb;”kan het weg”, vraag ik mij dan af.
En steeds meer gaat er dan ook weg. En naast het feit dat ik er een ander blij mee maak, gebeurt er in mij ook iets dat ik als opluchting kan bestempelen, alsof ik mij bevrijd van een last, van een schaamte van een teveel aan bezit. Letterlijk en figuurlijk ruimt het op.

Een paar redenen om afscheid te nemen van materiële zaken kwamen de afgelopen tijd bij mij op;

  • Met veel bezit ben je in dienst van al je bezittingen, ‘bezit bezwaard’ is niet voor niets een gezegde.
  • Minder is meer. Ik hoef mij niet meer bezig te houden met alle spullen, er geen energie (fysiek en mentaal) meer aan te besteden. Ik hou dus energie over.
  • De spullen die ik wel wil houden (voor nu:)) krijgen een andere waarde, misschien wel meer. Ze worden mijn bezit in plaats van anders om.
  • Minder dode spullen betekent meer leven.
  • Er komt een nieuw besef, wanneer ik wat nieuws of anders wil aanschaffen. De impuls gaat er vanaf en ik denk meer over een aankoop na, “heb ik het echt nodig?” En dit betekent dan dat mijn ‘voetafdruk’ op deze aarde wat lichter wordt. Wanneer ik minder koop doe ik ook iets aan minder verpakking, minder transport, minder productie en dat voelt goed.
  • Dit alles leidt ook naar een bredere en kritische kijk op wat ik aan het doen ben met bijvoorbeeld natuur, energie en omgaan met de wereld…
  • En tot slot, weggeven is fijn, het ervaren dat een ander plezier heeft van iets wat ik niet meer nodig heb is prettig.

Verhuizen biedt met alle drukte en geregel een mooie kans voor uiterlijke en innerlijke schoonmaak en dat is ruimtewinst.

Stef zingt er dit over….

 

Steencirkel

Wat heb je toch met stenen?

Stenen zijn dood, koud en hard zou ik een paar jaar geleden geleden hebben gezegd. De boer wil ze niet en een ander wil er mee bouwen. En dit ‘gevoel’ over stenen is rap veranderd na een paar ervaringen.
Vorig jaar zomer deed ik een hunebed wandeling met Johan de ‘hunebed-wandelaar’ Wieberdink in Drenthe,  ik begon er nogal sceptisch aan.

We starten een kennismaking bij het kampvuur op het terrein van Instituut Mirre in Valthe en doen een voorstel rondje. Johan is de kenner en Marjolein begeleidt hem in de rol van heks (?).
Bij het eerste hunebed (de tweeling) vlak bij Mirre doe ik mijn handen gekruist voor de borst en voel verdriet opkomen. Marjolein, die dit signaleert, neemt mij mee naar een ligplaats op de steen van ‘dood en wedergeboorte’. Dan vloeien er bij mij tranen, en niet zo weinig ook. Ik moet huilen en huilen en met horten en stoten komt er allerlei verdriet te voorschijn. Later vraag ik mij af of dit van mij is of zijn het de tranen van mijn voorouders of willekeurige voorouders? Het lucht in ieder geval enorm op. Ik ben verwonderd. Ook blijk ik instaat om te draaien met een pendel, de pendel die ik krijg draait snel grote rondjes. Later probeer ik het nog een keer en dan lukt het weer. Wederom ben ik verwonderd en vraag mij af of ik het draaien kan sturen. Nou dat kan dus ook zo blijkt later die dag.
Bij de afsluiting zegt Marjolein dat ik in ‘de transformatie’ zit. Een heerlijke ont-dekking.

Later ben ik nog één keer alleen naar dit hunebed geweest. Er is een neutraal gevoel, geen bijzondere ervaringen. De pendel (mijn kettinkje) draait maar ik kan niet goed onderscheid maken tussen mijn intentie of een bewegen van buitenaf.

En tijdens onze vakantie in Marokko, in het voorjaar van 2016, lees ik over een steencirkel bij Msoura zo’n 30 kilometer van Asilah. Het plaatsje Asilah ligt  op onze route en we besluiten de steencirkel op te gaan zoeken. We komen langs kleine dorpjes en worden nagestaard, ergens langs de kant van de weg liggen lange stenen maar dit feit dringt niet tot ons door. We dwalen en dwalen en na een half uur vragen en zoeken, ‘het moet hier toch ergens zijn’, keren we om en zoeken de route maar weer op. En daar waar de grote lange stenen liggen is ook de steencirkel te ontdekken. Keurig achter hekwerk, er is een ‘bewaker’ of een ‘guard’, van enige officiële ingang is niets te ontdekken. We kunnen overal over heen wandelen en we vragen ons af of ze hier in Marokko het cultuur- en historische belang van de cirkel inzien, het lijkt van niet. Andere ‘goden’ dan de profeet is bij veel gelovigen in het huidige Marokko niet bespreekbaar. En dan vind ik het wederom jammer dat ik de taal niet goed beheers, in ieder geval in deze streek is er een tijd geweest (misschien nu nog) dat er meer goden in het leven een rol speelde.

Volgens de legende is de cirkel aangelegd door de reus Antaios (Änti in het Berbers) en hij was zowel bij de Grieken, de Romeinen en en Berbers een mythologische held. Wat een wereld van verbinding hier, bijzonder! Änti was onoverwinnelijk en haalde de kracht voor zijn lichaam uit de aarde, hij was beschermer van het Berbervolk. Volgens de overlevering ligt hij begraven in Msoura (Mzoura) in deze enorm cirkel.
De cirkel is nog duidelijk te zien met een enkele hoge rechtopstaande steen, de stenen die langs de weg liggen horen hier dus ook te staan. Onbegrijpelijk hoe deze rechtop gezet zijn en nog staan, tenzij een reus…..

En dan sta ik even stil en overdenk dat er veel meer van deze mystieke steencirkels in de wereld zijn, dat deze een vaak religieuze betekenis hadden bij vele rituelen. En dat ontroert mij, er zit energie in deze stenen en zal steeds vaker ‘stenen’ gaan gebruiken bij mijn werk. Op een bepaalde manier zit er leven in deze stenen, al is het alleen al de energie die om en nabij de stenen heeft bewogen.

 

Pow – Wauw

Vier mensen om de pow-wow voeren het ritme aan, heel zacht en aftastende beginnen de vier met hun drumbeater de pow-wow te beroeren. Wij zijn met 17 mensen en ieder heeft zijn eigen intentie om daar te zijn. De intentie melden we niet maar houden we stilzwijgende voor ons.
Voor mij was de intentie om het ‘grote moeten’ te ont-moeten. Waar komt het toch vandaan dat ik zo gedreven aan de slag ga en het één nog niet afgerond heb en met het ander al weer bezig ben. Ik loop van de ene activiteit (vaak een cursus of training) naar de volgende en het moet allemaal zo nodig. Het is een soort verslaving lijkt het wel,  een sterk innerlijke beweging die dat mij laat doen. Als het sterk innerlijk is, dan zal je er ook wel gelukkig van worden, zei iemand eens. En dat is nou net niet het geval, ik start ergens mee en wanneer ik er mee bezig ben, kijk ik alweer uit naar de volgende gebeurtenis. Maar gelukkig wordt ik er niet van, moe, dat wel. Sterker nog, het is verslavend steeds verder gaan. Welke voldoening zoek ik dan toch?
En waar ga je dan heen of waar vlucht je dan vandaan, zou een coach kunnen vragen. En die vragen heb ik mijzelf ook al eens gesteld, ik ken mijn beweging.
Vader en moeder spelen hierin een grote rol, mijn ouders en voorouders hebben continu moeten strijden en werken in en voor hun leven, continu bezig zijn met eten, inkomen en onderdak voor de grote schare kinderen en zichzelf. Zit dit ‘doen’ dan zo sterk in mijn dna, mijn cultuur, mijn opvoeding verweven dat ik dat nog steeds zo kan ervaren, als een haast onbedwingbaar mechanisme?   Dit hele moeten maakt rusteloos en moe en alleen de lichamelijke moeheid keert het tij en doet mij beseffen dat ik te ver ga.
Alhoewel ik tegenwoordig ook steeds vaker kan zeggen dat er bewustwording is wanneer ik weer eens iets wil gaan ondernemen. Ik neem dus mijn eigen voornemen waar en kan er dan een keuze in gaan maken. Nog niet altijd, er is verandering! De NLP vooronderstelling “er is altijd een andere keuze mogelijk’, geeft dit al aan. Dat is ook zo, maar het kost wel moeite!

Terug naar de drumavond; de drum klinkt zacht en er zit al wel een stevig ritme in. Ik volg en luister, ik luister en volg en sla op mijn drum. Er ontstaat een melodie en het geluid begint rond te gaan, al wat luider nu. Geleidelijk aan draagt iedereen, naar eigen voelen, bij aan het geluid. Sommigen heel zacht tikkend op de drum, anderen slaan feller met veel zichtbaar enthousiasme. Ik sla in het midden en dan aan de zijkant, steeds weer, steeds weer en weer en weer. Ik voel, zie en hoor het plezier in mijzelf en om mij heen. Een haast eentonig ritme ontstaat, een soort zoemen en dan gebeurt er iets in mij wat ik nu probeer te beschrijven; tussen alle geluiden hoor ik niets en voel me oneindig leeg, vredig en toch ook aanwezig in de ruimte en met alles wat hier is. Ik hoor de geluiden wel en ik hoor ze ook weer niet. Een vredig gevoel overspoelt mij tussen al het ‘geluidsgeweld’ en ik voel een intens diepe rust waarin alles goed is, alles is oké. Het is geweldig, het is zo bijzonder, tranen komen te voorschijn.

Hoe lang dit duurde weet ik niet en is ook niet zo belangrijk. Feit is dat ik me ineens weer bewust werd van de drumbeater in mijn hand en dat ik werktuiglijk aan het mee drummen was, confuus van het moment van net. En dan realiseer ik mij dat ik in trance was, een heerlijke trance die oneindig ‘leeg’ was.

Drumcirkel

Van oudsher komen mensen tijdens hun leven in cycli bij elkaar om te ontmoeten, te delen, te verbinden en te genieten. De drumcirkels volgen ook deze cyclus van het leven.
Als er gedrumd wordt in dankbaarheid en liefde, voor alles wat ons gegeven is door moeder aarde en onze medemensen, voltooien wij een cyclus van leven en begint er automatisch een nieuwe cyclus.

Door te drummen wordt alles in beweging gebracht en vindt er een stroomversnelling plaats van de energie. De energie wordt opgewekt en gaat weer stromen. Zoals de maan verantwoordelijk is voor eb en vloed in de oceaan heeft ze ook een invloed op ons mensen. Om die reden wordt er vaak tijdens, vlak voor of vlak na een volle maan een drumcirkel georganiseerd.

Bovenstaande tekst is van Erik Roesink.

Op een warme zaterdagavond in december heb ik mijn eerste drumcirkel bijgewoond in Bilthoven en wat een ervaring was dit!
Met mijn kleine drum (de volledig zelfgemaakte is nog niet af) wordt ik eerst gesmudged bij aankomst, heerlijke geuren van salie om oude energieen te laten verdwijnen en mij schoon te maken voor deze avond, welkom!
Binnen staat een indrukwekkend grote pow-wow trommel met in de vier windrichtingen een stoel. Omdat het voor mij en een ander de eerste keer is dat we gaan drummen worden we welkom geheten door de begeleider van deze avond. Na een korte meditatie en het drummend welkom mogen we onze drums laten horen aan de aanwezigen. Spannend, maar ik doe dit in een verrassende flow, het gaat gewoon, mijn eerste denken over hoe ik dit zou gaan doen blijkt helemaal niet nodig.
En dan mogen vier vrouwen op de stoelen bij de grote pow-wow trommel gaan zitten en begint de drum-ceremonie. De centraal opgestelde pow-wow geeft het ritme aan en wij worden gevraagd dit ritme te volgen. Van zacht klinkend naar een diep vibrerend geluid, gaaf!
Langzaam kom ik in het ritme en krijg ook de behoefte om te chanten, zachtjes maak ik wat keelgeluiden.
Wat er met mij gebeurt is lastig te beschrijven. Het is net of ik heen en weer pendel tussen hier en nu en weg zijn. Soms zijn er gedachten van wat ik hier nu weer aan het doen ben, en dan weer geniet ik van de geluiden, de geuren en alles wat ik zie, ik voel me heerlijk! En ook lijk ik soms in een lichte trance en ga mee met dat wat er is, mooi hoor.
Na de pauze komen er vier mannen rond de pow-wow zitten en ik word ook uitgenodigd, wow WAUW! We pakken elkaars handen vast en maken een verbinding in stilte, kracht! Na enige tijd maken we ons los en pakken de stick en zoeken elkaars ritme op het perkament van de drum. Het geluid wordt luider en luider, prachtige diepe tonen. De kring achter ons valt bij en samen vormen we één geheel, één groot samenzijn.
Er ontstaat een collectieve balans in geluiden, bewegingen en visuele aspecten, het voelt als thuis en raar maar waar het wordt stil bij mij van binnen. Ik neem veel geluiden waar, naast mij achter mij en ik begin als vanzelf ook te chanten, wat een genot. Ik verwachtte van te voren dat ik als vanzelf zou gaan huilen maar dat gebeurde niet.
En op een moment dat we innerlijk van elkaar lijken te kennen gaan we wat langzamer drummen en met minder slag, de vertraging zetten we door en om ons heen zakken de geluiden ook weg. Wij leggen de sticks weg en laten de energie wegebben door met onze vingers op de pow-wow te trommelen en uiteindelijk doven onze bewegingen en geluiden ook uit en begeleid door de warme geluiden van een flute valt er nu ook buiten mij een stilte die zoveel in zich heeft!

Een dag later ontdek ik mooie parallelen met ‘opstellingen’. De drumcirkel vormt een systeem…

  • Iedereen maakt deel uit van het systeem en ieder heeft zijn eigen plaats en waardevolle bijdrage.
  • Sommige mensen voelen dat ze niet op een goede plek zijn en gaan even zoeken, later vinden ze hun unieke plaats.
  • Het systeem houdt zichzelf in stand, ook als iemand uitvalt of even weg gaat.
  • Er zijn leiders en volgers, volgers en leiders. Deze rol is uitwisselbaar.
  • Het systeem vindt zijn eigen balans en wanneer het even uit evenwicht is, komt dit weer terug.
  • Er is een innerlijk en gedeeld weten dat in ‘het veld’ aanwezig en te voelen is.

 

Filmtip – filmtip

In de film “La Famille Bélier” speelt het enige ‘horende’ kind binnen een verder dove familie de verbinding tussen de gezinsleden en de buitenwereld. Kijk door het acteerwerk heen en je ziet, de systemische verstrikking, de worsteling met loyaliteit, de ontluikende passie en autonomie, authenticiteit en het ontdekken van een missie.

Wanneer je je aanmeldt voor mijn nieuwsbrief (zie rechts) krijg je kans om binnenkort ook met andere ogen te kijken.

Ik hoef niet te weten

“Ik hoef niet te weten hoe jij in je levensonderhoud voorziet

Wat ik graag wil weten is waar jij voor gaat en of jij het aandurft

oog in oog te staan met de verlangens van je hart.

Het interesseert me niet hoe oud je bent maar wel of je het aandurft

voor gek te staan omwille van de Liefde, omwille van je dromen,

omwille van het avontuur dat Leven heet.

 

Het maakt me niet uit welke planeten jouw horoscoop beïnvloeden.

Waar het mij om gaat is of je ooit tot in de kern van je eigen verdriet

bent doorgedrongen en of de verraderlijkheden en beproevingen

van het leven je juist ontvankelijk hebben gemaakt of dat deze je hebben

doen terugdeinzen en afsluiten uit angst voor nog meer pijn.

Wat ik wil weten is of jij pijn, die van mij of van jezelf, kunt laten zijn

zonder een vinger te verroeren, zonder het te verbergen,

te laten verdwijnen of vast te houden.

Ik wil weten of je vreugde kunt zijn, de mijne of de jouwe . Of je durft te dansen

vanuit je oerkracht, in total extase van top tot teen, zonder je in te houden

door op je hoede te zijn. Realistisch of rationeel te zijn, zonder je te laten

remmen door herinnering aan beperking vanuit je menselijk bestaan.

Het kan me niet schelen of je verhaal waar is of niet . Wat ik zou willen weten

is of je anderen durft af te wijzen om trouw te zijn aan jezelf. Of jij het aankunt

om voor verrader te worden uitgemaakt om verschoond te blijven van verraad

vanuit je ziel. Geef me een bewijs van je trouw opdat ik zal weten

dat je vertrouwen waard bent.

Ben jij in staat schoonheid te zien, ook al is niet iedere dag even mooi

en is het leven zelf voor jou de bron waaruit je levenskracht kunt putten.

Kun jij leven met fouten, zwakheden en kwetsbaarheid, die van jou en mij

en toch aan de rand van een meer staan en luidkeels tegen het zilver

van de maan roepen; “YES”.

Ik hoef niet te weten waar je woont, of hoeveel geld je hebt.

Wat ik graag wil weten is of jij het kunt opbrengen om na een nacht

vol wanhoop, tot in het diepst van je ziel gekwetst op te staan, en datgene

te doen wat gedaan moet worden voor je kinderen. Ik hoef niet te weten

wie je bent of hoe je hier gekomen bent .

Wat ik wil weten is of jij zonder terughoudendheid bereid bent met mij door het vuur te gaan.

Het gaat niet om waar, wat en met wie je hebt gestudeerd.

Voor mij is het van groot belang, van jou te horen welke innerlijke kracht

jouw steun en toeverlaat is als al het andere om je heen is weggevallen

Of jij alleen kunt zijn met jezelf en of jij het werkelijk goed hebt

bij jezelf wanneer het stil word, in eenzaamheid “.

Mensbeeld, schaamte….

Een mooie zaterdagavond in november waarop onze jongste zoon zijn telefoon kwijtraakt in een taxi. Geen gewone taxi, maar een propper-taxi. Voor het begrip; een propper taxi is een niet-officiële taxi die mogelijke klanten actief benaderd voor een ritje. Uiteraard voor een laag tarief en de klant moet even twee straten meewandelen, weg van de officiële standplaatsen. Veelal worden deze taxi’s gereden door ‘buitenlanders’ met een kleurtje.
Toen hij mij via fb berichtte dat ie zijn telefoon kwijt was, merkte ik een eerste veroordelende gedachte op; ‘K…! die telefoon is een uur later al door de ‘buitenlander’ unlocked  en doorverkocht voor weinig’. Tegelijkertijd was er kort een boos en onmachtig gevoel.
Slim had hij acties als blokkeren en sms versturen (met fb naam) naar eigen telefoon al uitgevoerd.

Een mooi zondagochtend in november waarop onze oudste vanuit Argentinië zijn blog bericht dat ie bestolen is van zijn kleine rugtas met daarin paspoort en hotelvoucher. Hij was het slachtoffer van de ‘vogelpoep’ truc; iemand spoot hem onder de nep-vogelpoep en twee ‘behulpzame’ helpers kwamen aanlopen om hem schoon te maken. Ondertussen liep er één weg met zijn rugtas en korte tijd later is dan ook de ander helper verdwenen.
Toen hij mij daarover berichtte, was wederom een veroordelende gedachte snel bij mij; ‘Vuile…! zo maken jullie het toerisme stuk en het wereldbeeld van een jongmens ook.’
Een groot deel van de zondag ging op aan heen en weer wappen over wat nu te doen, bezoek aan politie, afspraak maken met de ambassade in Buenos Aires om een nooddocument te bemachtigen en ondersteuning. Ook was er de opmerkzaamheid over mijn initiële veroordelende gedachte bij beide voorvallen.

En dan zondagavond…… eerst het bericht dat iemand zijn rugtas terug had bezorgd in het hostel. Weliswaar zonder pennen, dagboekje en camera, maar wel met paspoort, het belangrijkste!

Dan het bericht dat een uiterst vriendelijke man contact heeft opgenomen met mijn jongste zoon met het bericht dat zijn telefoon is gevonden in zijn taxi. Maandagavond kan hij deze komen ophalen….

En hoe vaak overkomt ons dit niet, wij oordelen en reageren op grond van ons eigen wereldbeeld, onze cultuur, onze opvoeding, onze ervaringen en onze eigen gedachten daarover. Ons wereldbeeld verdient een kans om anders te gaan zien omdat het beperkt is, dit ‘anders zien’ vereist bewustwording, verregaande bewustwording en een verlangen.
Wanneer er familie of goede vrienden bij een gebeurtenis betrokken zijn wordt het vaak wat lastiger, er zijn dan gevoelens van onmacht, boosheid en angst die het gedrag en handelen kunnen gaan overnemen, zelfs zover dat het gedrag niet meer redelijk is.

 

Vergeving

Een klein berichtje op radio 1 doet mij de oren spitsen, ik krijg er maar een deel van mee; ……Kleine is vrijgelaten uit een gevangenis in Amerika…….heeft hem vergeven….

Dit bericht op radio 1 dat dateert ergens uit de eerste zomermaand van 2015 blijft een beetje bij mij. In augustus volg ik een training/cursus waarbij vergeving een thema is en het radiobericht komt weer levendig omhoog.
Het bericht op de radio 1 ging over Edward Kleine, een landgenoot die nadat hij een ongeval veroorzaakte in een Amerikaanse gevangenis terecht kwam. Hij kreeg een uitzonderlijk hoge straf van 30 jaar opsluiting.  Vanaf mei 2005(!) was hij gevangene.

Moeder Dinah Thomas van het dodelijk slachtoffer Kyle (22jr) heeft Edward zijn daden vergeven. Deze vergiffenis heeft er toe geleid dat er ‘parole’ is verleend. De familie van het slachtoffer vond dat het voor beide families tijd was om verder te gaan.
En dit werkelijk verder gaan kan zowel voor de dader als het slachtoffer door vergeving ontstaan. Vergeving waardoor de dader, die nu ook ergens slachtoffer is geworden weer verder kan. De familie Thomas die slachtoffer werd door de dood van hun zoon en broer kwamen op hun beurt ongevraagd in een soort dader-rol vast te zitten. Pas toen zij aan vergiffenis toekwamen en de dader konden zien als mens werd er een nieuwe beweging mogelijk. En dit is de beweging die Dinah Thomas heeft moeten voelen. Een beweging die letterlijk een figuurlijk meer in beweging zet, die heling in gang zet. 

Vergeving kan kennelijk niet zomaar, we moeten er naar toe groeien, er is tijd voor nodig, tijd en innerlijk werk om jezelf af te vragen; wat dient mij, waar heb ik baat bij en wat kan ik doen om dit proces op gang te helpen, wat helpt mij om te helen.

 

In het proces naar zijn vrijlating toe is heel hard gewerkt door veel mensen en instanties. Wie meer wil weten over Edward en zijn geschiedenis…. Edward Kleine

Ssssssssst………….

de stilte is nog steeds een prachtige taal die weinig mensen kennen

bedenk dat stilte soms het beste antwoord is

in de stilte van je eigen innerlijk wordt je duidelijk wat waar is

stilte, jij bent het mooiste wat ik ooit heb gehoord

 

Op de dag van de stilte, zondag 30 oktober zijn er in het hele land stilte-activiteiten, mee doen? Kijk op de website van de Dag van de Stilte   ssssst….

Op de rand van oud- en nieuwland wandelen we die dag als groep in stilte. Mag ik je daar ont-moeten, ont-haasten, om te ont-dekken, je bent welkom! Zie de agenda op 30 oktober.
Wandel met je zoon of dochter, vader, moeder, je broers of zussen in stilte en ervaar eens wat dit jullie brengt, er hoeft niets gezegd te worden.

Een gesprek met mijn vader

….. en ineens zit ie daar op de bank in onze tuin, mijn vader. Hij ziet er goed uit, beter dan toen ik hem voor het laatst zag. Hij is grijs, zijn ogen staan anders dan vroeger, niet meer flets, zijn holle blik is verdwenen, straalt hij?, denk ik.
Ik wil wat zeggen, maar hij is mij voor: “dag Berry, hoe is het met je?”
Hoe is het met je, hoe is het met je? Ik voel dat ik boos word… dat heeft ie nog nooit in zijn leven gevraagd en nu ie dood is, stelt ie zo’n vraag!

“Goed,” zeg ik, “maar wat doet u hier?” “Gewoon, eens praten met je, daar heb ik vroeger zo weinig tijd voor gehad.” “Geen tijd voor genomen, zult u bedoelen.” Het is eruit voor ik het besef.
“Ja, dat is ook een manier om er naar te kijken, dat kan ook.”

“En hoe komt u hier eigenlijk, dit kan niet!” “Dat weet ik niet,” zegt vader en zijn mondhoeken gaan licht omhoog, “ik kan mij niet herinneren hoe ik hier kom, het is gewoon zo.”
Boven onze hoofden strijkt een duif neer op het rekje naast de druif, zijn koppie gaat heen en weer en gluurt naar beneden. Spontaan en met mijn ogen gericht op de duif begin ik te praten alsof dat mijn vader is. Mijn vader die niet nog op het bankje zat is weg. Dan vliegt de duif weg en mijn vader zit er weer, ik snap het niet.
Ik schaam mij, ik vraag mijn vader van alles en nog wat en lijk niet eens blij om hem te zien. Waarom zeg ik niet gewoon dat ik hem gemist heb..
“Ik heb u gemist, pa”, zeg ik dan, zomaar.
“Ik jou ook zoon.”
De duif koert in de prunus en een ander antwoordt op het dak, een bij zoemt langs, verder is het stil.
De stilte wordt pijnlijk en ik voel verdriet omhoog wellen, mijn keel knijpt dicht. En zoals vroeger kijken we langs elkaar heen, we zeggen niets en alles.

Pa verbreekt mijn denken en half vragend: “wat was ik druk hé, tijdens mijn leven?”
Wat wilt u nu, denk ik. Bevestiging, u zelf verontschuldigen?
“Nou”, mompel ik: “pas in de afgelopen jaren, tijdens NLP ben ik dit gaan begrijpen en volgens ma was u inderdaad nogal druk.”
“Wat is NLP?”
“Dat leg ik straks nog wel uit,”
antwoord ik kortaf.

Ik heb dit al veel vaker proberen uit te leggen aan mensen en merk dan aan het gesprek dat mensen afhaken, ik kan dat ‘zeggend’ niet zo goed duidelijk maken, het is ook echt iets om te doen en te ervaren. Ik laat het nu ook maar, misschien straks.
Mijn vrouw komt de tuin inlopen en gaat op het bankje zitten, op vaders plek. Vader is weg! Ik vertel haar wat ik aan het doen was en dan komen de tranen.
Ze loopt weg om thee te zetten en vader is er weer….

“Waar was u, net?”
“O”, zegt hij rustig, “even weg……, dit is tussen jou en mij, een vader en zoon gebeuren, ik kan wachten hoor, ik heb alle tijd.”
Ik snap er helemaal niets van, zo zit hij levensecht tegenover me en het andere moment is hij verdwenen.
“En waar was u dan zo druk mee allemaal?”
“Ik was nogal ambitieus en wilde de wereld verbeteren. Ik vond dat ik alles beter kon dan de ander en alles moest anders.”
“En u voetbalde ook nog in het 1e van ESTO?”
“Ja, dat waren mooie tijden met Sinko en Wim Bealde en op doel stond je ome Paul en ik was spits.” Hij zucht tussendoor. “Ik was een heel snelle spits, ik scoorde veel en had een goed schot”. “Toen jij kwam was ik 25 en ik denk dat ik tot mijn 32e gevoetbald heb.”
“Tot uw 31e,” zei mam.  “Ze nam mij mee in de kinderwagen en ging nog wel eens mee kijken.”
“O, dat zal dan wel, je moeder onthoudt dat soort dingen nog steeds goed.”
Zou hij gewild hebben dat ik ook een goede voetballer werd, vraag ik mij af.
En hij vervolgd: “ik ben gestopt met voetballen na een opmerking over mensen met een kleur na een wedstrijd tegen Moordrecht, daar woonden veel Molukkers en dat waren gemene gasten.”
O, ja die opmerking ken ik, herinner ik mij, ik meen ook dat moeder mij er een bewaard krantenartikel over heeft laten lezen.
“Ja, tegenwoordig zou dit leiden tot een media-rel en royeren van het lidmaatschap.”
“Toen lachten we erom en het bestuur suste de rel.”

Het is even stil tussen ons, ik zie hem denken en een vraag formuleren.
“Voetbalt de oudste weer”?
“Nee, hij is niet meer gaan voetballen, hij was keeper trouwens.” “Laatst zei hij dat ie verlangde naar het keepen, dus wie weet.’
“En onze jongste is ook gestopt en denkt er ook over weer te gaan trainen en dan te gaan voor het 1e team”.

Mijn vader glimlacht breed uit, deze boodschappen doen hem zichtbaar goed.
Tja, het was en is nu eenmaal zo, ik heb in het spelletje nooit plezier gehad.
Alsof ie mijn gedachten leest: “Ik had graag gezien dat je broer en jij ook zouden gaan voetballen. Een paar jaar had ik hoop maar je broer vond het niks en toen jij wat dikker werd na de lagere school vervloog mijn hoop.” “Toen jouw leider je uit het elftal zette was het helemaal snel afgelopen.”

Daar zit nog wat pijn bij mij merk ik.

“Wist u dat dan, dat ik eruit moest?” antwoord ik verbaasd.
“Oja, dat deed mij pijn, maar dacht dat je wel begreep waarom.” “Ik zat toen al in het bestuur en wist overal en alles van.”
En ik dacht ik het alleen maar wist…. “Maar…. u heeft er met mij nooit over gesproken.”
“Nee, dat kon ik niet.” “Het hoort nu eenmaal bij voetbal, de besten gaan naar de hoogste elftallen, de minder goeden vallen af of gaan naar een lager elftal.” “Ik dacht dat moeder er wel met je over zou praten”.
“Nee, nooit”. Ik doe kortaf.

Hij zegt niets en kijkt nu wel een beetje hol voor zicht uit. Peinzend zegt ie: “Dat is niet goed van mij geweest, ik had dat beter kunnen zien maar voor toen was het echter in orde.”
“Maar ja, die drukte hé. Altijd was er wat . Ik ben ook nog een jaartje trainer geweest en ging toen weer verder in het bestuur.”

Ik associeer mij met zijn leven en zie als een film zijn leven, zijn overleven, ik weet er blijkbaar toch veel van, het harde werken, de zorgen voor iedereen, de relatie met andere mensen, zijn ouders en zijn ziekte. Op een diepere laag dan voorheen ontstaat er begrip, een besef over zijn leven, de mooie jaren en de minder goede. Dit duurt een poosje en als ik opkijk is vader verdwenen, het bankje is leeg. Ik zoek om mij heen, niets!
Vlak hierna zet ik een en ander op papier en wanneer ik het zit te schrijven is het net alsof het niet gebeurd is.

 

Bovenstaande is onderdeel van een uitgebreider helingsproces en geïnspireerd op het ‘kampvuur gesprek’ zoals gebruikt door Brandon Bays. Wil jij ook daadwerkelijk een start maken met heling en vergeving dat nodig ik je uit om contact met mij op te nemen, je bent welkom!